Home arrow Inhoudelijke kennis voor ouders arrow Gedragsproblemen arrow Hechtingsstoornis
English
Hechtingsstoornis
There are no translations available

Wat is een hechtingstoornis?

De reden dat een kind een hechtingsstoornis ontwikkelt is meestal gelegen in de negatieve (traumatische) ervaringen die een kind opdoet in de eerste levensjaren of in een later stadium van zijn of haar leven. Vaak wordt dit veroorzaakt door een gebrek aan liefde en verzorging in combinatie met geweld en mishandeling.

 De basis van de hechtingsproblematiek ligt in de angst om verlaten te worden. De stoornis is te herkennen aan het gegeven, dat het kind geen leeftijdsadequate sociale relatievormen ontwikkelt. Het kind lijkt geremd in zijn sociale interactie en vertoont onaangepast gedrag, een onvermogen om passend te reageren. Bij hechtingsproblematiek zijn er vaak signalen aanwezig, die wijzen op:
- emotionele verwaarlozing(gebrek aan gevoelens van veiligheid en geborgenheid)
-  verwaarlozing op het gebied van verzorging en voeding met vaak wisselende verzorgers, waardoor hechtingsmogelijkheden ontbreken.
Een kind met een hechtingsprobleem heeft te weinig de ervaring kunnen opdoen van zich lichamelijk en/of emotioneel veilig voelen in de wereld. Of het heeft deze ervaring eerset wel op kunnen doen, maar is dit door latere gebeurtenissen onder druk komen te staan.

Wat zijn de kenmerken?

Er zijn verschillende patronen te ontdekken bij hechtingsproblematiek:
- er zijn kinderen met een zogenaamde actieve zelfhandhaving. Deze kinderen laten vaak het volgende gedrag zien:
o ongrijpbaar en ongehoorzaam
o claimend gedrag
o zelfbepalend en controlerend
o chaotisch en impulsief
o soms wordt dergelijk gedrag verward met ADHD en PDD-NOS
- kinderen met een patroon van passieve handhaving:
o weinig contactmakend
o zich te verstandelijk opstellen in het leven
o te aangepast en niet meer weten wat eigen gevoelens en wensen zijn
Door onvoldoende hechting is het volgende onvoldoende ontstaan:
- een gevoeld van waardevol zijn als mens,
- een gevoel van toros zijn op wat je kan,
- een gevoel van vertrouwen in jezelf, in je eigen mogelijkheden,
- een gevoel van vertrouwen in de mensen om je heen, dat ze het beste met je voor hebben en van je houden,
- patronen van ‘normaal’ gedag, bijvoorbeeld hoe je omgaat met je eigen lijf, hoe je omgaat met anderen, hoe je omgaat met  je eigen gevoelens van boosheid en angst.

Hoe ga je er mee om?

- Een veilige leef- en leeromgeving is voor deze kinderen van het grootste belang: wees duidelijk in hetgeen je van de jongere wel en niet verwacht, voorkom teleurstellingen.
- Zorg voor succeservaringen, ook wat het leren betreft.
- Geef duidelijk de grenzen aan van wat wel en niet kan, bied zo mogelijk alternatieven voor getoond gedrag aan.
- Creëer een goed gestructureerde leeromgeving aan.
- Zorg voor een goede afstemming met de opvoeders van de leerling.

Meer informatie:

www.deknoop.org
www.klimop.penninga.com
www.hechtingsstoornis.info
- Relatiegestoorde kinderen van G. de Lange
- Ruimte voor gevoelens van C. Penninga-de Lange
- Elk kind is uniek van C. Penninga-de Lange
- Jij mag niet lief zijn van Hanne Rots